Fotocompilaties en films - Sjef van Hese

In de jaren zestig was hij operateur bij bioscoop Grand Theater en nog steeds is hij bezig met film. Sjef van Hese werkt bij het Gemeentearchief aan de beeldcollectie. Dat doet hij sinds 2004.

In de jaren zestig was hij operateur bij bioscoop Grand Theater en nog steeds is hij bezig met film. Sjef van Hese werkt bij het Gemeentearchief aan de beeldcollectie. Dat doet hij sinds 2004. Elke dinsdag is hij present. Videobanden converteren naar DVD en op YouTube zetten is een van zijn werkzaamheden. Vervolgens worden ze via de website van het Gemeentearchief aangeboden. Ook maakt hij compilaties van foto's van wijken, die eveneens in de Beeldbank worden opgenomen.

Sjef van Hese als filmoperateur achter de schermen
Sjef van Hese aan het werk als filmoperateur bij bioscoop 'Grand Theater' aan de Singelstraat.

In veel van wat op de website in de Beeldbank onder Film en geluid staat, heeft hij de hand gehad. 

Dure hobby 

Sjef van Hese had al van jongs af aan belangstelling voor film. Hij ging graag naar de bioscoop en in 1957 kreeg hij de kans aan de slag te gaan bij Grand Theater in Goes. Hij verliet hiervoor graag zijn baan als timmerman. In de ochtenden en ’s avonds werkte hij bij deze bioscoop. En vaak maakte hij 's middags daarnaast ook nog bruidsreportages voor Piet van de Linde, die toen nog met zijn fotowinkel in de Papegaaistraat zat en later naar de Grote Markt zou verhuizen. Van die nevenverdiensten financierde hij zijn (dure) hobby: filmen. Want Sjef van Hese filmde ook zelf. Vooral vakanties en dergelijke. Zijn eerste camera kocht hij in 1963, een “8 mm dubbel”, met een veer die je moest opwinden (bij het ontwikkelen in de fabriek werd dat een 8 mm-film). Om een idee van de kosten te geven: voor een filmpje van 3,5 minuut telde je 24 gulden neer. Bij Van de Linde mocht hij bovendien zijn privéfoto's zelf gratis afdrukken. 

Sjef van Hese achter de computer
Sjef van Hese aan het werk achter de computer.

Begin jaren zestig kwam de klad erin. De televisie kwam op en de zalen zaten niet meer zo vol. Dat leidde ertoe dat er in 1964 geen werk meer voor hem was. Toen nam hij zijn werk als timmerman weer op. Later schoolde hij zich om tot elektromonteur. Wel deed hij nog enige tijd invalwerk voor de bioscoop.

Links de Grote Kerk, rechts Slot Ostende met links ernaast bioscoop Grand Theater
Bioscoop Grand Theater links naast Café Slot Oostende. Foto collectie Bitter-Van Opstal, 1965.

'De Witte Bioscoop'

In de tijd dat Sjef van Hese in dienst trad bij Grand Theater, was de eigenaar Cor van Liere. Diens vader Kees had de bioscoop aan de Singelstraat in 1929 gebouwd. 

Bioscoop De Landbouw, oftewel De Witte Bioscoop
De 'Witte Bioscoop' in 1923.

Kees van Liere, die eerder een fabriek voor koelstaven had in de Korte Nieuwstraat (nu Pijntorenstraat), startte in 1921 met een bioscoop in een achterzaal van De Landbouw aan de Grote Markt. De ingang was aan de achterkant, aan de Korte Vorststraat.  In de volksmond werd dit de Witte Bioscoop genoemd (het gebouw was wit).

Het was de eerste bioscoop van Goes. Maar ook vóór die tijd konden de Goesenaren naar de film. Er waren rijdende bioscopen, die van elders uit het land kwamen en Goes regelmatig aandeden. Die vertoonden films in bijvoorbeeld de Prins van Oranje en het Schuttershof. De laatste zou enkele jaren later uitgroeien tot Bioscoop “Schuttershof”.  

Wagens met de tekst "De Noordpool". 3 mannen en 3 jongens poseren voor de wagens.
IJsfabriek 'De Noordpool' in de Korte Nieuwstraat

Stomme film

De stomme film is rond 1930 verdwenen.  Toen Grand Theater begon, was er al geluid bij de films, maar in de 'Witte Bioscoop' hebben nog stomme films gedraaid. Een pianist zorgde voor het geluid. Dat was meestal de beroemde Baby den Toonder uit Vlissingen, die ook een dansband had.

Grote Markt, rechts op de voorgrond de trap van het Stadshuis. Linksachter staan bussen te wachten. Daarachter is de bioscoop te zien.
De Grote Markt met links naast het gebouw met de zonneschermen de Witte Bioscoop. Collectie Bitter-Van Opstal, 1930.

Films wisselen

In die begintijd werkte de lichtbron voor de projectie met koolspitsen en een paraboolspiegel. Als je de spiegel te veraf hield, werd het beeld blauw en te dichtbij werd het bruin. Al gauw kwamen er kwiklampen. Een stuk film op een spoel duurde hooguit twintig minuten. Op de spoelen kon 600 meter film. Drie keer tijdens een voorstelling moesten de spoelen van beide projectoren verwisseld worden (ze gebruikten twee identieke projectoren). Het publiek mocht de overgang niet merken. De reclame, het Polygoon-journaal en het eerste stuk van de film werden aan elkaar geplakt.

De eerste 3D-film 

Bij de eerste 3D-film werd het pas écht ingewikkeld. In Grand Theater was dat The house of wax uit 1953, met Vincent Price in de hoofdrol. Sjef herinnert zich vooral tennisballen die de zaal in leken te vliegen en waarvoor iedereen geschrokken wegdook. Die film draaide met twee projectoren, met een rode en een groene film. Bij het overnemen moesten ze dus met zijn tweeën zijn. Dan werd 'die oude rotte koolspitser' weleens vervloekt.

Het verbaast niet dat Sjef van Hese voor zijn werk een opleiding moest volgen: de schriftelijke cursus 'Filmoperateur'. De examens waren in bioscoop Tuschinksy. Daar bewaart hij goede herinneringen aan, want zijn baas, Cor van Liere, kwam hem dan na afloop ophalen en dan gingen ze in Amsterdam samen een hapje eten. Op de goede afloop, want Sjef slaagde steeds in één keer.

Krantbericht over Baby den Toonder
Krantenartikel uit de PZC van 8 april 1964.

Flauwvallende heren

Sjef weet de prijzen voor de bioscoopkaartjes in de tijd dat hij bij Grand Theater werkte, nog uit zijn hoofd: een kaartje voor de 3e rang kostte 40 cent, voor de 2e rang 60 cent, voor de 1e rang 90 cent en voor het balkon 1,20 gulden. Ook veel titels weet hij nog. Muziekfilms als The Glenn Miller Story, The Benny Goodman Story en The Eddy Dutching Story. Een bekende film was ook The Robe, de eerste cinemascoopfilm (breedbeeld), uit 1953. Spektakelfilms als Demetrius and the Gladiators (de tweede cinemascoopfilm), Ben Hur en, heel veel, (cowboy)films met John Wayne. Met de Sissy-films zat de bioscoop wekenlang vol. Hij herinnert zich ook To hell and back, over de oorlogservaringen van Audie Murphy.  Eén avond in de week, op donderdag, werden er opera- en operettefilms vertoond. Die trokken een heel eigen, vast publiek.    

De landelijke filmkeuring bepaalde dat films voor alle leeftijden waren, voor 14 of voor 18 jaar. Films voor boven de 18 waren naar hedendaagse begrippen natuurlijk vrij onschuldig. De bezoekers waren nog niet veel gewend. Dat blijkt bijvoorbeeld ook uit de voorzorgsmaatregelen bij de film Hoe vertel ik het mijn dochter. Bij vertoning daarvan zaten er altijd medewerkers van het Rode Kruis achterin de zaal. Een scène met een bevalling via de keizersnede deed de nodige heren flauwvallen. En dan te bedenken dat de film in zwartwit was.  

Zijn persoonlijke voorkeur ging in zijn tijd bij Grand Theater al uit naar de films van regisseur Ingmar Bergman. En nog steeds trekt de Skandinavische film hem. Vandaag de dag geniet hij van Deense films en mystery-series als Borgen en The Killing. Film, hij blijft ermee bezig en hij is dan ook vast van plan om nog een hele tijd door te gaan met zijn werk bij het Gemeentearchief Goes.  

 

Dit interview is afgenomen in 2012.

Het loket van Grand Theater met rechts Cor van Liere en links Marie Jonge-de Hondt
Het loket van Grand Theater met Kees van Liere en Marie Jonge-de Hondt in 1960. Foto collectie Jansen-de Jonge.